Een Nederlands wetsvoorstel verkleint de medische onzekerheid, maar timing, passend werk en loon blijven een zaak van de werkgever.
Op maandagochtend past een winkelier het rooster opnieuw aan. Een medewerker is al maanden ziek. Collega’s nemen diensten over, tijdelijke vervanging kost geld en de ondernemer probeert passend werk aan te bieden zonder de medische grenzen van de medewerker te overschrijden. De bedrijfsarts heeft een oordeel gegeven, maar iedere volgende stap vraagt nog steeds om een besluit.
Achter dit alledaagse tafereel ligt een wetsvoorstel dat op 31 augustus 2026 bij de Tweede Kamer is ingediend. De voorgestelde Wet wijziging toets op de re-integratie-inspanningen en WIA-voorschotregeling zou het oordeel van de bedrijfsarts over de belastbaarheid leidend maken wanneer UWV na twee jaar ziekte het re-integratieverslag beoordeelt.
De maatregel is nog geen wet. De datum van inwerkingtreding zou bij koninklijk besluit worden bepaald. Toch is het een belangrijk signaal: de wetgever probeert één bron van onzekerheid weg te nemen uit een proces dat voor zowel werkgever als werknemer bijzonder moeizaam kan worden.
Volgens het voorstel mag een werkgever niet langer uitsluitend met een verlengde loondoorbetalingsplicht worden geconfronteerd omdat de verzekeringsarts van UWV achteraf tot een ander medisch oordeel komt. UWV blijft wel beoordelen of werkgever en werknemer voldoende re-integratie-inspanningen hebben verricht. Precies dat onderscheid vormt de kern van de zaak.
Medisch oordeel en verantwoordelijkheid voor de uitvoering
De bedrijfsarts bepaalt wat de werknemer redelijkerwijs kan doen. De werkgever moet dat oordeel vertalen naar uren, taken, aanpassingen op de werkplek, gesprekken en evaluatiemomenten. Het zijn verschillende verantwoordelijkheden, ook al maken ze deel uit van hetzelfde re-integratieproces.
Ik lees het wetsvoorstel als een andere verdeling van de medische onzekerheid, niet als een overdracht van de verantwoordelijkheid voor de uitvoering. Het oordeel van de bedrijfsarts krijgt een stevigere positie. Dat geeft de werkgever geen ruimte om tot de volgende afspraak af te wachten terwijl passend werk, personeelsbezetting en termijnen blijven liggen.
Uit de officiële wetgevingsstukken blijkt waarom dit onderscheid ertoe doet. Een medisch meningsverschil was in de periode 2022 tot en met 2024 de belangrijkste reden voor 8 procent van de inhoudelijke verlengingen van de loondoorbetalingsplicht. In 2024 werden 2.197 van zulke verlengingen opgelegd; ongeveer 175 daarvan hielden verband met een medisch verschil van inzicht. Het voorstel richt zich dus op een kleinere, maar nog altijd ernstige categorie.
De Raad van State stelde een lastiger vraag. Hij waarschuwde dat een leidend oordeel van de bedrijfsarts de poortwachtersrol van UWV kan verzwakken. Ook zou de wijziging een deel van het risico van de werkgever naar de werknemer kunnen verschuiven en de instroom in de WIA kunnen vergroten. Die mogelijke gevolgen verdienen aandacht, want meer zekerheid voor de ene partij kan de bescherming elders in het stelsel veranderen.
Het grotere risico zit in de uitvoering
Bij een kleine werkgever beginnen re-integratieproblemen zelden met één spectaculaire fout. Meestal ontstaan ze door alledaagse vertragingen. Een gesprek vindt plaats, maar wordt gebrekkig vastgelegd. Aangepaste werkzaamheden lopen door zonder evaluatiedatum. Passend werk wordt terloops besproken, maar nooit daadwerkelijk geprobeerd. Een tweede spoor komt pas in beeld wanneer de mogelijkheden al sterk zijn afgenomen.
Ouder onderzoek van UWV liet zien dat de meeste vastgestelde tekortkomingen betrekking hadden op re-integratie die niet, te laat of onjuist was ingezet. Het onderzoek betreft eerdere jaren, maar het patroon blijft relevant. Een medisch verschil van inzicht trekt de aandacht omdat het onrechtvaardig en moeilijk beheersbaar voelt. Een gebrekkige uitvoering valt minder op, maar houdt veel directer verband met de eigen besluiten van de werkgever.
In een klein team komt dit extra scherp naar voren. Een adviesbureau kan taken of uren vaak gemakkelijker herverdelen dan een installatiebedrijf, restaurant of werkplaats. Fysiek werk en ploegendiensten laten minder ruimte voor aanpassing. Toch moet de werkgever nagaan welk werk werkelijk beschikbaar is. Een fictieve functie creëren helpt niemand. Zonder zorgvuldig onderzoek aannemen dat er geen alternatief bestaat, evenmin.
De winkelier van maandagochtend heeft daarom meer nodig dan een medische notitie. Iemand moet de belastbaarheid van de werknemer naast het werkelijke rooster en de feitelijke taken leggen. Iemand moet besluiten wat kan veranderen, voor hoelang en tegen welke kosten. Het volgende evaluatiemoment moet duidelijk zijn. Ook wanneer een externe casemanager het proces begeleidt, moet de ondernemer begrijpen wat er is besloten en waarom.
Ziekteverzuim is ook een financiële kwestie
Het CBS registreerde voor het tweede kwartaal van 2026 een voorlopig ziekteverzuimpercentage van 5,4 procent voor de gehele economie. Bij bedrijven met één tot tien werkzame personen lag het voorlopige percentage lager, op 2,5 procent. Toch kan één langdurig ziektegeval in een team van vijf mensen het hele bedrijf veranderen.
Het loon loopt door, terwijl vervangende capaciteit, arbodienstverlening en managementtijd extra geld kosten. Werk voor klanten kan vertraging oplopen. De ondernemer neemt mogelijk zelf diensten over. Als UWV concludeert dat er herstelbare tekortkomingen in de re-integratie zijn, kan de loondoorbetalingsplicht met maximaal 52 weken worden verlengd.
Daarmee wordt het dossier onderdeel van de financiële beheersing en niet alleen van de personeelsadministratie. De liquiditeits- en loonkostenprognose moet rekening houden met de mogelijke duur van de loondoorbetaling en de vervangingskosten. De verzekeringsdekking moet duidelijk zijn voordat de druk oploopt. Afspraken met klanten moeten passen bij de capaciteit die werkelijk resteert, niet bij de capaciteit waarvan het bedrijf hoopt dat die terugkeert.
Ook de bepalingen over WIA-voorschotten horen thuis in dit praktische beeld. UWV rondde in de eerste vier maanden van 2026 meer WIA-claimbeoordelingen af dan een jaar eerder, maar 12.400 zaken wachtten al langer dan zes maanden. Een voorschot kan het inkomen van de werknemer overbruggen wanneer de loondoorbetaling eindigt voordat UWV een definitief besluit neemt. Het wetsvoorstel zou een wettelijke grondslag bieden om bepaalde voorschotten kwijt te schelden.
Houd het dossier dichtbij genoeg om te sturen
Het einde van de eerste twee ziektejaren mag niet worden gezien als een keurig administratief eindpunt. Vertraging bij de beoordeling kan een periode veroorzaken tussen het einde van de loondoorbetaling en het definitieve WIA-besluit. Die tussenruimte raakt de inkomenszekerheid van de werknemer, de arbeidsrelatie en de planning van het bedrijf.
Een rustige interne dossiercontrole kan problemen vroeg zichtbaar maken. De ondernemer moet de meest recente medische beoordeling kunnen vinden, naast het daadwerkelijk aangeboden werk, de reactie van de werknemer, de volgende beslisdatum en iedere naderende mijlpaal in het eerste of tweede ziektejaar. Als die onderdelen niet op elkaar aansluiten, lost nóg een document het probleem niet op. Dan ontbreekt een echt besluit.
De voorgestelde wet kan een frustrerende vorm van medisch verschil van inzicht achteraf wegnemen. Dat zou betekenisvolle vooruitgang zijn. Maar zekerheid in re-integratie ontstaat nooit door één oordeel alleen. Ze ontstaat door de werknemer zorgvuldig te behandelen, tijdig besluiten te nemen en loon, werk en bewijs op elkaar afgestemd te houden terwijl het bedrijf doordraait.
Als langdurig verzuim gevolgen heeft voor uw bezetting, deadlines of loondoorbetalingsrisico, kan een onafhankelijke dossierbeoordeling duidelijk maken welke besluiten nog nodig zijn.
De data, bronnen en analyse achter dit artikel zijn uitgevoerd door Linda Pavan Geraedts. AI is niet gebruikt om bronnen te identificeren, de feitelijke basis op te bouwen of het analytische oordeel te vormen. AI is alleen gebruikt als schrijfhulp. De uiteindelijke Nederlandse tekst is persoonlijk beoordeeld, bewerkt en goedgekeurd door Linda Pavan Geraedts vóór publicatie.
Bronnen
- Meer zekerheid voor werkgevers en werknemers bij re-integratie - oordeel bedrijfsarts leidend · Salaris Vanmorgen
- Overheid.nl Wetgevingskalender - Legislative status and scope of the bill
- Rijksoverheid - Existing reintegration duty and wage-sanction exposure
- UWV - What the RIV assessment currently measures
- UWV - WIA waiting times and advances
- UWV - Current UWV position on delayed WIA decisions
- CBS - Sickness absence and employer exposure in 2026
- Rijksoverheid - Policy development on WIA-advance waiver and financing
