Een oprichter doet een stap terug en gaat twee dagen per week werken. De BV heeft minder opdrachten, medewerkers nemen het dagelijkse werk over en het geld kan beter in de onderneming blijven. Het verlagen van het salaris van de directeur-grootaandeelhouder naar 40 procent kan dan aanvoelen als een eenvoudige rekensom.
Het Handboek Loonheffingen 2026 van de Belastingdienst hanteert een ander uitgangspunt. Parttime werken leidt niet automatisch tot een evenredige verlaging van het referentiebedrag van €58.000 voor het gebruikelijk loon. Een lager salaris kan passend zijn als de BV een geloofwaardige vergelijking maakt met het loon voor de meest vergelijkbare dienstbetrekking, rekening houdend met de feitelijke omvang van de werkzaamheden.
Dat onderscheid is belangrijk. De vraag is niet of de oprichter €58.000 door vijf kan delen en met twee kan vermenigvuldigen. De werkelijke vraag is welke functie overblijft, hoeveel daarvan daadwerkelijk wordt uitgevoerd en wat vergelijkbaar werk zou opleveren.
The role matters more than the calendar
Het handboek geeft een bruikbaar voorbeeld. Iemand werkt twee dagen per week in een functie waarvoor het vergelijkbare salaris bij een volledige werkweek €60.000 bedraagt. In dat voorbeeld is het gebruikelijk loon €24.000. De uitkomst staat of valt met de aansluiting tussen de vergelijking en de feitelijke omvang van de werkzaamheden.
De eigen inschatting van de DGA van het aantal uren is slechts het begin. Als de DGA niet langer de uitvoering voor klanten verzorgt, maar nog wel de prijsstelling, financiering, werving, contracten en grote investeringen aanstuurt, kan de directeursfunctie nog steeds omvangrijk zijn. Minder declarabele uren betekenen niet automatisch minder verantwoordelijkheid.
Ik zie dit in eerste instantie als een vraag over de organisatie van de onderneming en pas daarna als een loonvraag. Als de oprichter eerst vijf dagen werkte en nu twee dagen werkt, wie heeft dan de andere drie dagen overgenomen? Misschien ondertekent een operationeel manager de reguliere opdrachten, verzorgt een externe administrateur de rapportages en houdt een andere bestuurder zich bezig met het personeel. Dat is een samenhangende verandering. Een ongewijzigde organisatie met een sterk verlaagd salaris voor de oprichter vertelt een minder overtuigend verhaal.
Ook de externe vergelijking vraagt om zorgvuldigheid. De relevante functie is niet simpelweg de meest geschikte functietitel die online wordt gevonden. Die functie moet aansluiten bij de feitelijke werkzaamheden, bevoegdheden, commerciële betekenis en omvang van het werk. Sinds 2023 is de voormalige doelmatigheidsmarge van 25 procent vervallen, afgezien van een beperkte overgangsregeling. De vergelijking moet het nu dus meer op eigen merites dragen.
The benchmark can sit elsewhere in the group
De agenda van de dga is niet de enige maatstaf. De gebruikelijkloonregeling kijkt ook naar het hoogste salaris dat aan een andere werknemer binnen de BV of een verbonden vennootschap wordt betaald. Volgens het kennisgroepstandpunt van de Belastingdienst kan dat zelfs een andere werknemer met een aanmerkelijk belang zijn.
Dat kan binnen een kleine groep als een verrassing komen. Een holding kan de dga een bescheiden salaris betalen, terwijl een werkmaatschappij een commercieel directeur met een hoog salaris in dienst heeft. Een senior indiensttreding, een jaarlijkse salarisverhoging of een reorganisatie binnen de groep kan de salarisvraag daarom veranderen zonder dat iemand aan de arbeidsvoorwaarden van de dga komt. DGA komt.
Daarom zou ik deze beoordeling niet beperken tot één loonadministratie. De werkmaatschappijen, verbonden entiteiten en veranderende taakverdeling moeten in hetzelfde overleg worden betrokken. Een oprichter die daadwerkelijk een stap terug heeft gedaan, kan een deugdelijke positie hebben, maar de loonadministratie van de groep kan toch een andere maatstaf opleveren.
Ook belastbare voordelen tellen mee. Individuele loonbestanddelen, waaronder de bijtelling voor een ter beschikking gestelde auto, worden meegenomen bij de berekening van het gebruikelijk loon. Het relevante bedrag is daarom niet altijd het nettobedrag of het bruto salaris dat maandelijks wordt overgemaakt. Het gaat om het totale beeld van het belastbare loon.
Low monthly pay can return at year-end
Stel dat onze oprichter, die twee dagen werkt, een bescheiden maandsalaris ontvangt omdat de BV geld nodig heeft voor lonen en leveranciers. Als de uiteindelijke analyse van het gebruikelijk loon op een hoger bedrag uitkomt, moet het verschil in het algemeen als fictief loon worden verwerkt. Over dat verschil worden vervolgens loonheffingen berekend.
Het reguliere fiscale moment is het einde van het kalenderjaar, of eerder als het dienstverband eindigt. Die timing kan van een ogenschijnlijk voorzichtige maandelijkse beslissing later een probleem voor de loonadministratie en de liquiditeit maken. Tegen die tijd kan de onderneming al dividend hebben vastgesteld, de rekening-courant van de aandeelhouder hebben verhoogd, schulden hebben afgelost of middelen voor een investering hebben vastgelegd.
Hieruit blijkt of het verhaal door de administratie wordt gedragen. Een BV die zegt het salaris niet te kunnen dragen terwijl zij privéonttrekkingen financiert, laat een ander beeld zien dan een onderneming die geld reserveert voor personeel, huur en noodzakelijke investeringen. De Belastingdienst biedt ruimte voor een lager salaris als verliezen de continuïteit daadwerkelijk bedreigen. Normale financiële druk, een incidenteel verlies of een liquiditeitsprobleem dat door onttrekkingen van de aandeelhouder is veroorzaakt, biedt op zichzelf geen grond voor die route.
Parttime werken, de startfase van een onderneming en verliezen die de continuïteit bedreigen zijn afzonderlijke gronden. Door die met elkaar te vermengen, wordt de onderbouwing zwakker. Een oprichter die minder uren werkt, heeft een geloofwaardige functiebeschrijving en loonvergelijking nodig. Een startende onderneming baseert zich op haar eigen tijdelijke omstandigheden. Een onderneming met ernstige verliezen moet een continuïteitsprobleem aantonen, en niet alleen een krap banksaldo.
A summer review is better than a December repair
Voor de oprichter uit de openingssituatie is de beoordeling overzichtelijk. De huidige functie, de feitelijk gewerkte uren, de overdracht van verantwoordelijkheden, de vergelijkbare dienstbetrekking en de salarissen binnen de groep moeten aansluiten op de loonadministratie. Vervolgens moeten de belastbare voordelen, het verwachte jaarloon en de bewegingen op de rekening-courant aansluiten op de administratie.
Daarvoor is geen indrukwekkende stapel documenten nodig. Wel is een eerlijk beeld nodig van de manier waarop de onderneming nu wordt geleid. Bestuursnotulen, agenda’s, contracten, gedelegeerde bevoegdheden en managementrapportages kunnen laten zien of de rol van de oprichter daadwerkelijk kleiner is geworden. De sterkste toelichting is meestal de toelichting die al zichtbaar is in de dagelijkse bedrijfsvoering.
Het bedrag van €58.000 is belangrijk, maar vormt niet de volledige regeling en is ook niet in iedere parttime situatie een absolute ondergrens. Het risico schuilt erin dit bedrag óf als onaantastbaar te behandelen óf als een getal dat met één druk op de procentknop kan worden verlaagd.
Een kortere werkweek kan een lager DGA-salaris Een kortere werkweek kan een lager dga-salaris ondersteunen. De onderneming moet eerst laten zien wat er daadwerkelijk korter is geworden: niet alleen de agenda, maar ook de werkzaamheden, verantwoordelijkheden en marktwaarde van de functie. Als die feiten aansluiten op de loonadministratie en de financiële administratie, worden minder werkdagen een geloofwaardig bedrijfsmatig standpunt in plaats van een hoopvolle berekening.
Wilt u bespreken wat dit betekent voor uw bedrijf?
De data, bronnen en analyse achter dit artikel zijn uitgevoerd door Paolo Maria Pavan. AI is niet gebruikt om bronnen te identificeren, de feitelijke basis op te bouwen of het analytische oordeel in dit artikel te vormen. AI is alleen gebruikt als hulpmiddel bij het opstellen. De definitieve Nederlandse tekst is persoonlijk nagekeken, geredigeerd en goedgekeurd door Paolo Maria Pavan voor publicatie.
