Na het overlijden van de langstlevende ouder zit een familie aan tafel. De woning is getaxeerd. De banksaldi zijn bekend. De onderneming draait door. Dan vraagt iemand hoeveel de ouder de kinderen uit de nalatenschap van de eerstoverleden ouder nog verschuldigd was.
Het antwoord maakt deel uit van de financiële familiegeschiedenis. In de praktijk staat het bedrag vaak verspreid over verschillende dossiers, bij uiteenlopende adviseurs en familieleden.
De Nederlandse regels voor de erfbelasting zetten dit vertrouwde vraagstuk scherp in beeld. Op grond van artikel 21 van de Successiewet 1956 wordt een verkrijging gewaardeerd naar de waarde in het economische verkeer op het tijdstip van verkrijging. De Belastingdienst berekent de nalatenschap in beginsel als de bezittingen minus de schulden.
Dat klinkt als een rekensom. Bij familieneerlatenschappen is het vaak vooral geschiedenis.
De schuld die blijft liggen
Bij de wettelijke verdeling krijgt de langstlevende echtgenoot of geregistreerd partner de goederen van de nalatenschap. De kinderen krijgen geldvorderingen ter grootte van hun erfdeel. Die vorderingen blijven vaak onbetaald tot de langstlevende partner overlijdt, al kan eerdere aflossing mogelijk zijn.
Families ervaren deze regeling vaak als afgedaan. De langstlevende ouder houdt de woning, beleggingen of ondernemingsvermogen. De kinderen wachten. Het dagelijks leven gaat verder, terwijl de stukken van het eerste overlijden van de accountant naar een kast verhuizen, van de kast naar een doos en soms uit beeld raken.
Jaren later keert de schuld terug op de balans van de tweede nalatenschap. De omvang ervan kan de belastbare verkrijging beïnvloeden. Erfgenamen en adviseurs moeten dan soms een positie reconstrueren die is ontstaan bij andere vermogenswaarden, familieomstandigheden en bedrijfsadministraties.
Dit is eerder een kwestie van bestuur dan van belasting. Een schuld wordt niet minder reëel doordat niemand dit jaar betaling verwacht. Zij wordt wel makkelijker vergeten, verkeerd begrepen of anders omschreven.
Eén dossier, meerdere beheerders
De eerdere aangifte erfbelasting kan een belangrijk vertrekpunt zijn. De Belastingdienst biedt een erfgenaam of gemachtigde de mogelijkheid een kopie op te vragen als onbekend is hoeveel de overledene nog verschuldigd was aan de erfgenamen van een eerder overleden partner. Aangiften die vanaf 2020 digitaal zijn ingediend, kunnen ook nog beschikbaar zijn via Mijn Belastingdienst.
Die aangifte is slechts een deel van het verhaal. Zij legt een fiscale positie vast. Het bredere verhaal kan verspreid liggen over het testament, de notariële verdeling, de boedelrekening, waarderingsrapporten, correspondentie, schulderkenningen en betalingsbewijzen.
Een familiebedrijf voegt daar een laag aan toe. Aandelen kunnen via de nalatenschap zijn overgegaan. Een ouder en een kind kunnen samen in een maatschap hebben gewerkt. Vastgoed kan juridisch eigendom zijn van één persoon, terwijl de onderneming het gebruikt en elders in de administratie verwerkt. Ook leningen, opnamen en privé-uitgaven kunnen op verschillende plaatsen staan.
Geen enkele adviseur heeft per se het hele beeld. De notaris kan de civielrechtelijke stukken hebben. De accountant kan de administratie van de maatschap beheren. Een belastingadviseur kan beschikken over de aangifte en aanslag. Een erfgenaam heeft misschien het taxatierapport. Goede administratie begint met weten wie wat bewaart.
De onderneming moet niet voor de verwarring opdraaien
Terug naar de familie aan tafel. De nalatenschap kan vermogend ogen, met een bedrijfspand en een winstgevende onderneming. Maar geen van beide levert vanzelf contant geld op voor de erfbelasting. Een snelle verkoop kan de onderneming schaden, huurders verstoren of tot een slechte prijs leiden.
De Belastingdienst kent in bepaalde gevallen uitstel van betaling en betalingsregelingen. Daaraan kunnen voorwaarden, zekerheidstelling en invorderingsrente verbonden zijn. Dat kan helpen bij de timing. Het herstelt geen onzekere waardering en vult geen ontbrekende geschiedenis aan.
Voor een dga is de scherpere vraag of een privéverplichting uit de nalatenschap op een verkeerd moment geld of zekerheden aan de bv kan onttrekken. Een dividend, een lening van de bv of herfinanciering van vastgoed lijkt misschien een eenvoudige oplossing. Aan elk daarvan kunnen verdere fiscale, juridische en financiële gevolgen kleven.
De onderneming moet niet ongemerkt de geldschieter van een familienenalatenschap worden omdat de oorspronkelijke schuld nooit goed is bijgehouden. De waarde van de nalatenschap en de beschikbare liquiditeit verdienen afzonderlijke aandacht. Een familie kan veel vermogen bezitten en toch moeite hebben een aanslag te betalen zonder de onderneming te verstoren.
Meer tijd, maar geen extra verleden
Bij overlijdens op of na 1 januari 2026 hebben erfgenamen 20 maanden om aangifte erfbelasting te doen. Daarna begint belastingrente te lopen als geen volledige aangifte is ingediend. Die langere termijn geeft families meer tijd om waarderingen te verzamelen en de positie van de nalatenschap vast te stellen.
Die tijd moet doelgericht worden gebruikt. Zij kan bijdragen aan een deugdelijke aangifte wanneer ondernemingsbelangen of vastgoed zorgvuldig moeten worden gewaardeerd. Maar zij kan geen oude administraties van maatschappen reconstrueren, ongedocumenteerde overboekingen verklaren of de bedoelingen achterhalen van mensen die er niet meer zijn om vragen te beantwoorden.
Een verstandige beoordeling begint bij het eerste overlijden, niet bij het huidige aangifteformulier. Zoek de eerdere aangifte en aanslag op. Leg de daarin vermelde schuld naast het testament en de boedelverdeling. Breng waarderingen, bedrijfsadministratie en vastgoedstukken in één tijdlijn bijeen. Breng daarna de liquiditeit van de nalatenschap afzonderlijk van de opgegeven waarde in kaart.
Daarvoor hoeft het familieleven niet permanent te worden geadministreerd. Het doel is eenvoudiger: één samenhangende financiële geschiedenis bewaren zolang de stukken en de betrokkenen nog bereikbaar zijn.
Een aangifte erfbelasting wordt misschien maar één keer gedaan, maar de daarin vastgelegde positie kan tientallen jaren doorwerken. Families beschermen zichtbare bezittingen vaak zorgvuldig. De stillere verantwoordelijkheid is het verhaal erachter te bewaren. Is dat verhaal compleet, dan begint de tweede nalatenschap met feiten in plaats van concurrerende herinneringen.
Leg het nalatenschapsdossier aan ons voor voordat ontbrekende stukken druk zetten op de kas of bedrijfsplanning
De data, bronnen en analyse achter dit artikel zijn uitgevoerd door Linda Pavan. AI is niet gebruikt om bronnen te identificeren, de feitelijke basis op te bouwen of het analytische oordeel in dit artikel te vormen. AI is alleen gebruikt als hulpmiddel bij het opstellen. De definitieve Nederlandse tekst is persoonlijk nagekeken, geredigeerd en goedgekeurd door Linda Pavan voor publicatie.
Bronnen
- Aangifte bepaalt hoogte overbedelingsschuld erfbelasting - Taxence
- Wettenbank - Statutory valuation rule for inheritance tax
- Belastingdienst - Debt to heirs of a previously deceased partner
- Belastingdienst - Access to the earlier inheritance-tax return
- Rijksoverheid - 2026 filing window and tax-interest timing
- Belastingdienst - 2026 inheritance-tax thresholds and rates
- Belastingdienst - 2026 inheritance-tax exemptions
- Belastingdienst - Cash pressure after an inheritance-tax assessment
