Aan het einde van het aangifteseizoen kan een directeur-grootaandeelhouder twee zaken als afgerond beschouwen. De bv heeft aangifte vennootschapsbelasting gedaan. De directeur heeft zijn aangifte inkomstenbelasting ingediend. De aanslagen komen binnen, de adviseur sluit het jaar af en iedereen gaat verder.
Dat gevoel van afronding kan bedrieglijk zijn. Op grond van artikel 16 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen is navordering mogelijk als een nieuw feit aan de wettelijke voorwaarden voldoet. Daarbij is mede van belang wat de inspecteur wist, of redelijkerwijs had kunnen weten, toen de eerdere aanslag werd opgelegd.
Een aangifte vennootschapsbelasting van de bv leidt niet automatisch tot heropening van de persoonlijke aanslag van de directeur. Het praktische probleem ligt scherper. Afzonderlijke aangiften kunnen tegenstrijdige versies van dezelfde economische gebeurtenis blootleggen.
Two returns, one economic story
Een inspecteur mag in het algemeen uitgaan van een ingediende aangifte, tenzij de inhoud daarvan redelijkerwijs aanleiding geeft tot nader onderzoek. Volgens de Nederlandse jurisprudentie hoeft de inspecteur doorgaans ook niet de dossiers van een andere belastingplichtige of een andere belasting te doorzoeken alleen omdat die dossiers bestaan.
Voor een directeur-grootaandeelhouder van een bv waarin hij zelf de onderneming drijft, kan die scheiding kunstmatig aanvoelen. Eén persoon kan aandeelhouder, bestuurder, werknemer, geldlener en ontvanger van een pensioenuitkering zijn. Juridisch blijven de onderneming en de persoon echter afzonderlijke belastingplichtigen, met een eigen administratie en afzonderlijke aangiften.
Neem een bescheiden holding-bv Neem een bescheiden holding-bv die jaarlijks een pensioenuitkering aan haar directeur betaalt. In de jaarrekening neemt de verplichting af. De betaling wordt deels via de rekening-courant met de directeur verrekend in plaats van per bank overgemaakt. De aangifte vennootschapsbelasting sluit aan bij de jaarrekening, terwijl de aangifte inkomstenbelasting wordt opgesteld aan de hand van bankontvangsten en vooraf ingevulde gegevens.
Op zichzelf lijkt daar weinig dramatisch aan de hand. Toch legt de onderneming een betaling vast die de directeur mogelijk niet als ontvangen herkent. Jaren later draait het niet om wat iemand destijds bedoelde. Dan gaat het om wat juridisch verschuldigd was, wat is betaald of verrekend, hoe dat in de administratie is verwerkt en hoe het in beide aangiften is opgenomen.
Daarom is overeenstemming tussen de verschillende dossiers een governancekwestie, en niet alleen een kwestie van belastingaangiften. De jaarrekening, het grootboek, de overeenkomsten, de bankmutaties en de persoonlijke aangifte moeten samen een begrijpelijk verhaal vertellen.
Old retirement balances are still active
Dat geldt in het bijzonder voor bv’s met een lijfrente, een pensioenhistorie of een oudedagsverplichting, doorgaans aangeduid als ODV. Zulke balansposten worden gemakkelijk gezien als oude technische boekingen die zonder veel nadenken in de volgende jaarrekening kunnen worden overgenomen.
De actuele informatie van de Belastingdienst laat zien dat deze verplichtingen relevant blijven. Periodieke lijfrente-uitkeringen horen in de aangifte inkomstenbelasting thuis onder pensioen en andere uitkeringen. Als de onderliggende premies of bijdragen volledig in aftrek zijn gebracht, zijn die uitkeringen in het algemeen volledig belast. De uitkomst kan anders zijn afhankelijk van de geschiedenis van de bijdragen en het beschikbare bewijs.
Een ODV kan technisch nog bestaan nadat de uitkeringen zijn begonnen. Een standpunt van het Kennisgroep van de Belastingdienst, bijgewerkt in februari 2026, bevestigt dat een ODV die al tot uitkering komt onder voorwaarden kan worden gebruikt voor de aankoop van een lijfrenteproduct. De uitkeringsduur, de leeftijd en het jaarlijkse bedrag kunnen daarbij allemaal van belang zijn.
Ook andere keuzes kunnen gevolgen hebben. In een specifiek geval van afkoop van een lijfrente die is ontstaan uit een omgezette ODV, beschrijft de kennisgroep revisierente van 20 procent van de waarde van de aanspraak, binnen het wettelijke kader en met mogelijke toepassing van regels over tegenbewijs. Dat is niet de uitkomst van iedere fout met een ODV. Het laat wel zien waarom een oude pensioenregeling meer verdient dan een steeds herhaalde journaalpost.
De oprichter in ons voorbeeld van de holding-bv De oprichter uit ons voorbeeld van de holding-bv kan sinds de start van de regeling al twee keer van adviseur zijn gewisseld. In de jaarrekening staat de verplichting nog steeds, maar de oorspronkelijke overeenkomst zit in een oud e-mailaccount. Berekeningen zijn elders opgeslagen. Verrekeningen via de rekening-courant zijn niet toegelicht. Het saldo bestaat nog, maar de ontstaansgeschiedenis ervan is steeds moeilijker te volgen.
A later correction is also a cash event
De reguliere binnenlandse navorderingstermijn bedraagt in het algemeen vijf jaar na het ontstaan van de betreffende belastingschuld. Uitstel voor het doen van aangifte en bijzondere omstandigheden kunnen die termijn verlengen. Een navorderingsaanslag kan belastingrente omvatten, terwijl opzet of grove schuld tot een boete kan leiden.
Voor een ondernemer in het mkb zit de directe pijn vooral in de privéliquiditeit. De belastingschuld ligt bij de directeur, terwijl het geld dat met de oorspronkelijke gebeurtenis samenhing in de bv kan zijn gebleven, een interne schuld kan hebben verlaagd of al jaren eerder kan zijn uitgegeven.
Geld van de onderneming kan niet zonder meer worden behandeld als privégeld waarmee de correctie kan worden betaald. De bv heeft nog steeds schuldeisers, behoefte aan werkkapitaal en een eigen fiscale positie. Een overdracht aan de directeur heeft eigen gevolgen voor het vennootschapsrecht en de belastingen. Een historische mismatch kan daardoor tegelijk druk zetten op twee balansen.
Diezelfde zorgvuldigheid is nodig vóór een verkoop, herstructurering of beëindiging. Volgens de informatie van de Belastingdienst kan een bv niet zomaar worden ontbonden zolang een pensioen-, lijfrente-, stamrecht- of andere pensioenverplichting onopgelost op de balans staat. De onderneming moet aangifte blijven doen totdat zij definitief is ontbonden, waaronder een laatste aangifte vennootschapsbelasting met een slotbalans.
Een verstandige controle begint bij balansposten die de onderneming rechtstreeks met haar directeur verbinden. Pensioenverplichtingen, leningen, rekening-courantposities, nog te betalen beloningen en privéverrekeningen verdienen een vergelijking tussen het grootboek, de overeenkomsten, de bankgegevens, de aangifte vennootschapsbelasting en de persoonlijke aangifte.
Wanneer bedragen zijn verrekend in plaats van overgemaakt, moet de berekening begrijpelijk blijven zonder dat iemand op zijn geheugen hoeft te varen. Het doel is niet om meer papierwerk te maken, maar om een leesbaar verslag te bewaren van wat er daadwerkelijk is gebeurd.
Voor de directeur in ons voorbeeld is het sterkste antwoord geen slimme verklaring die vier jaar later wordt samengesteld. Het is een samenhangend dossier waarin de verplichting, de betaling of verrekening, de boeking en de fiscale behandeling in de aangifte inkomstenbelasting in één doorlopende lijn zijn vastgelegd.
Een bv en haar directeur doen afzonderlijk aangifte omdat zij afzonderlijke belastingplichtigen zijn. Toch vertrekken zij bij dezelfde transacties. Zolang die transacties één samenhangend verhaal vertellen, blijft de afstand tussen de belastingheffing bij de onderneming en die bij de directeur beheersbaar. Doen zij dat niet, dan is een oud jaar mogelijk minder definitief dan het lijkt.
Wilt u bespreken wat dit betekent voor uw bedrijf?
De data, bronnen en analyse achter dit artikel zijn uitgevoerd door Paolo Maria Pavan. AI is niet gebruikt om bronnen te identificeren, de feitelijke basis op te bouwen of het analytische oordeel in dit artikel te vormen. AI is alleen gebruikt als hulpmiddel bij het opstellen. De definitieve Nederlandse tekst is persoonlijk nagekeken, geredigeerd en goedgekeurd door Paolo Maria Pavan voor publicatie.
Bronnen
- Vpb-aangifte bv levert nieuw feit op voor navordering dga - Taxence
- Belastingdienst - Navordering after an earlier income-tax assessment
- Belastingdienst - Personal tax reporting of annuity payments
- Belastingdienst Kennisgroepen - ODV arrangements after payments have started
- Belastingdienst Kennisgroepen - Revisierente risk after an ODV has been converted into an annuity account
- Belastingdienst - BV continuity where retirement obligations remain on the balance sheet
- Wettenbank
- Rechtspraak.nl
